L. Griep
Het jaar begon slecht voor onze prachtige herdershond Femke, maar inmiddels gaat het weer goed met haar. Ze rent weer achter onze andere hond aan en ik observeer dan grondig of ik nog iets van verminderd gebruik van de achterpoot ontdek, maar het gaat gewoon goed.
Ik herinner me hoe de dierenarts aangaf dat ‘inslapen’ de optie was als ze niet snel opknapte. Die woorden hebben Femke (en ook andere hond Alex) al de nodige plakjes worst opgeleverd, uit dank dat het niet hoefde te gebeuren. De dood leek een momentje heel dichtbij, maar we hebben het weer even af kunnen wenden. Uitstel van executie.
Ik denk wel meer aan de dood, zo met het ouder worden. Met de coronapandemie is de hele generatie boven me weggevaagd! Goed, het was er nog maar eentje (tante Maatje), maar toch.
Eerder speelde de dood slechts een figurantenrol in mijn bestaan. Bijvoorbeeld als ik als kind naar mijn kamer werd gestuurd. Ik lag dan snikkend op mijn bed te wensen dat ik dood ging. Dat zou ze dan wel leren. Mijn vader zou woedend zijn op mijn moeder. ‘Als jij hem niet naar zijn kamer had gestuurd, dan was dit nooit gebeurd’. En mijn moeder zou gejammerd hebben dat ze een vreselijke spijt had en dat ze alles, maar dan ook alles zou doen om mij weer terug te halen. Maar ja, dat kon niet meer. Een terechte straf!
Verder stelde de dood zich een tijdlang terughoudend op en kwam slechts in mijn leven voor een of ander derde of vierde graads familielid, dat ik eigenlijk niet kende. Soms kwam je dan op de begrafenis een neef of nicht van vroeger tegen. Gezellig, weer even herinneringen ophalen.
Of er stierf weer eens een buurman of een collega, ik lag er niet echt wakker van.
Daarna werd de dood wat opdringeriger. Mijn ouders werden gehaald. Maar ach, ze hadden er ook de leeftijd voor. Hoewel er bij mijn vader toch ook wel een medisch foutje speelde. Dat was een vergissing die ik de dood heb vergeven.
Het leven lacht mij dus toe. Tot afgelopen week. Ik kreeg griep. Lamlendig lag ik op de bank. Hoesten, diarree, hoofdpijn. Inge legde een fleece deken over me heen en ik kreeg een warme hittepit. Daarmee trachtte ik te overleven, maar in feite zag ik de dood in de ogen. En hij keek niet vriendelijk!
Ik vroeg Inge om een aspirientje en een glas water en ze bracht het. Later kreeg ik toch wel weer een beetje trek en ik vroeg haar om een crackertje. Met kaas. En doe er een glas melk bij. Daar moet wel de kou afgehaald zijn. O ja, en de honden waren nog niet uit lopen geweest. Of ze dat even wilde doen, want ze werden onrustig en dat kon ik niet aan mijn hoofd hebben.

Eén van de belangrijkste redenen van echtscheidingen is dat vrouwen geen moederrol willen vervullen voor hun bloedeigen man (en dat terwijl mannen best een vaderrol willen vervullen voor hun vrouw).
Toen Inge weer naar de tuin ging, draaide ik me om op de bank en kroop diep onder mijn fleece deken. Als ik straks in mijn slaap overlijd, dan heeft ze spijt van haar gedrag, dacht ik wraakzuchtig.
Reacties
Een reactie posten