L. De week van de poëzie
Ik kan niet zeggen dat 2023 het meest rustige jaar van mijn bestaan is. En dan doet deze periode daar nog eens een schepje bovenop.
In het persoonlijke vlak zijn er donkere wolken, maar ook weer spannende en
leuke uitdagingen.
Als ik naar mijn provincie Groningen kijk dan zie ik het leed van de
ongecompenseerde
aardbevingsschade-slachtoffers en de mateloze arrogantie van de landelijke
politiek. De schaamte voorbij.
Kijk ik wat verder weg, dan zie ik een wereld op drift. Miljoenen mensen
proberen asiel te zoeken, geef ze eens ongelijk. Volslagen geestelijk
gestoorden zijn aan de macht en schieten complete steden plat.
Maar ook op andere manieren wordt er oorlog gevoerd, bijvoorbeeld door het
verspreiden van desinformatie en artificiële intelligentie die ons (helaas)
uitstekend kan manipuleren.
En als ik dan verder uitzoem en in een satelliet rond de aarde zweef, dan zie
ik hoe de mensheid als een soort schimmel deze aarde en zichzelf naar de
verdommenis helpt. Diersoorten sterven uit en klimaten warmen op. Het is alsof
ik er draaiend midden in sta en dingen zie die ik niet wil, waar ik ook kijk.
In deze
draaikolk van emoties krijg ik dan de neiging om een gedicht te maken.
Nu is er één probleem. Ik kan namelijk helemaal niet dichten. Ik heb het
vroeger wel geprobeerd en er zitten zelfs nog wel gedichten van mij in de
lichtbruine multomap, maar als ik die doorblader dan brengen die niet het
wow-gevoel dat een gedicht je kan bezorgen.
Het is meer een au-gevoel.
Ik heb vroeger mijn gedichten zelfs nog eens gestuurd naar de bekende schrijver
Simon Carmiggelt.
Op zich was dat niet vreemd, want we waren collega’s. Ik was krantenbezorger
bij Het Parool waar hij zijn dagelijkse column in schreef. Hij reageerde mild
en vond sommige gedichtjes wel wat humoristisch. Maar daar bleef het bij. Hij
heeft zich niet ingespannen voor een mij toekomende beurs op dat gebied.
Maar we
moeten wat. We moeten tegenwicht brengen tegen al het emotionele geweld dat ons
omringt.
Ik heb daarom Fred gebeld en voorgesteld om ‘de week van de poëzie’ te maken.
Na wat aarzelingen (‘nee, je hoeft niet zelf gedichten te gaan schrijven, je
kunt ook over gedichten schrijven’) ging hij akkoord en dus kunnen we los.
Bij dichten draait het om gevoel. Ik ben een schrijver en dan draait het om het
verhaal.
En als een schrijver gaat dichten, dan krijg je zoiets:
Soms knijp
ik in mijn arm
Om te voelen of het echt is
Ik voel niets
Het is echt
Een hersenbloeding
Reacties
Een reactie posten