F. Onverwachte aanloop
Er gingen
verschillende emoties door me heen. Die van me bedreigd voelen (de man zag er
vervaarlijk uit en leunde, schalks maar toch ook enigszins opdringerig in mijn
persoonlijke levenssfeer), schuldig zijn (krent! Je kunt toch wel wat missen!),
empathie (hoe zou ík me in zijn situatie voelen?) en het gevoel dat de
oplossing heel ergens anders gezocht moest worden, wat de hulpeloosheid alleen
maar versterkte.
Ook boosheid, vanwege de leugen. Natuurlijk had hij geld nodig, maar niet voor
een slaapplaats zoals hij beweerde, maar om drugs van te kopen. Het was hem aan
te zien, geen tand meer in zijn mond, verwaarloosd en ongewassen. Ik overwoog
om hem een kop koffie aan te bieden maar hield mijn kaken stevig op elkaar.
Twee gewone
burgers die elkaar niet op het meest gunstige moment in hun leven tegen het
lijf lopen, zelfs wat vijandig tegenover elkaar zijn komen te staan. Hij
vertrok, ik trok de voordeur dicht. Je weet nooit wat zo’n getroebleerde man
allemaal in zijn verwarde kop kan halen. Even later zag ik hem door de straat
lopen, nu hard om zich heen schreeuwend. Mijn buurvrouw had hem ook al niet
willen helpen.
Nu kom je
dat vaker tegen, mensen die niet meegaan in verwachtingen van anderen.
Adrenaline viert er hoogtij. Schelden, haren uit hoofden trekken, ogen
uitkrabben, slaan, spugen en schoppen.
Ik hoorde onlangs
het verhaal van B., een goede vriend. Zijn toch al niet te brede straat was
laatst door de overheid eens duchtig onderhanden genomen. Het resultaat, de
stoep, versmald en op delen gedecimeerd door de aanleg van een groenvoorziening.
Het zou de straat een frisse en gezonde uitstraling geven. Tenminste dat bedenk
ik er maar bij. In het projectplan zal het hogere doel luid en duidelijk
vermeld hebben gestaan. In de praktijk is de groenvoorziening vooral goed voor
achtergelaten blikjes, sigaretten, peuken en -pakjes. Maar wat erger is,
fietsen worden door de buren of bezoek van de buren lukraak op de nog vrije
delen van de stoep geplaatst, waardoor de toegang tot de woning van B. compleet
gebarricadeerd wordt.
Hij is er de
man niet naar om de dingen op zijn beloop te laten, dus sprak hij zijn
buurvrouw erop aan. Haar reactie beloofde niet veel goeds. ‘Wat verwacht je
nou? Waar moet ik hem dán zetten? Er is toch helemaal geen plek? En wanneer ik
mijn fiets verplaats, dan zal er binnen no-time wel weer een ander voor in de
plaats komen.’
Ik kan nog
talloze gevallen opnoemen van individuen die tegenover elkaar zijn komen te
staan en vaak niet eens door eigen toedoen, die door omstandigheden niet nader
tot elkaar kunnen of willen komen.
De oplossing zit hem meestal niet in een welwillend luisterend oor, hoewel je
dat op het eerste gezicht misschien wel zou denken. Vaak kunnen de personen in
kwestie de netelige kwesties zelf niet oplossen, hoe goed de intenties ook
mogen zijn. Het moet een treetje hoger gezocht worden. B. zal zijn licht eens gaan
opdoen bij de betrokken overheidsinstanties, met het verzoek om de aanpassing
aan de straat te heroverwegen. Ik geef hem echter weinig kans. Het project is
afgerond, de projectorganisatie ontbonden, de budgetten bevroren of zijn alweer
aan een ander nobel doel gealloceerd.
Wat moet
mijn dakloze ongenode gast met dit inzicht? Een treetje hoger zoeken?
Waarschijnlijk heeft hij alle credit al verspeeld en is er vanuit de
hulpverlening geen begrip meer voor zijn situatie. Een individu met een eigen
verhaal verworden tot een statistiek.
De ambtenaar
kijkt genoegzaam naar de fraaie EXCEL rapportage en kan tevreden zijn. Zijn
targets zijn ruimschoots gehaald.

Reacties
Een reactie posten