L. De boekenlegger

We hebben een klein mini-biblioteekje (een dubbel pleonasme) waar mensen gratis boeken uit mogen meenemen. Soms komen mensen weer boeken brengen.

Zo ververst zich de verzameling.

Iemand heeft wat boeken gebracht en ik kijk vluchtig of er nog wat interessants bij zit. Mijn blik valt op het boek ‘De nieuwe openbaringen’ van Neale Donald Walsch. Ik pak het boek en blader het wat door.
En dan ontdek ik tussen bladzijde 156 en 157 een boekenlegger.  Nu wordt het interessant, want waarom zit daar een boekenlegger?

De eerste logische gedachte is dat de boekenlegger geplaatst werd zodat de gebruiker dan de volgende keer wist waar hij gebleven was. Meestal is dat ook het geval, maar hier ligt het wat anders, want het heeft weinig zin om een boekenlegger te plaatsen en het boek dan vervolgens weg te doen.
Je dekt de tafel niet om vervolgens je eten in de kliko te gooien. Er moet iets anders zijn.

Het zou natuurlijk kunnen dat het boek zo verschrikkelijk saai was dat de gebruiker het boek heeft weggelegd en nooit meer heeft ingezien. Ik denk niet dat dit hier het geval was. In de eerste plaats gebruik je geen boekenlegger bij een verschrikkelijk saai boek. In de tweede plaats was dit boek ‘de nieuwe openbaringen’ van Neale D. Walsch en dat was weer een vervolg op zijn bestseller ‘Een openhartig gesprek met God’. Er zijn dan twee mogelijkheden: Of je bent zeer geïnteresseerd in die materie en dan lees je hem uit. Of het boeit je voor geen meter, maar dan haak je al af voor pagina 20 en dan haal je zeker pagina 156 niet. Ook deze optie kunnen we dus afvinken.

Wat ook zou kunnen is dat de gebruiker de boekenlegger heeft geplaatst bij een passage die hem heeft geraakt en die hij regelmatig herleest.
Ik bekijk het boek nog eens goed en ook deze mogelijkheid moeten we wegstrepen, want het boek ziet er absoluut niet stukgelezen uit. Het is niet aannemelijk dat dit meerdere keren is gelezen, waarschijnlijk was dit de eerste lezing en is de gebruiker niet verder gekomen dan bladzijde 156.

Het onderzoek dreigt stuk te lopen en ik ga de mogelijkheden nog eens na. Ik ontdek dat ik bij de eerste mogelijkheid een fout heb gemaakt. Het is bij nader inzien meer dan aannemelijk dat de gebruiker de boekenlegger heeft geplaatst om te weten waar hij was gebleven. De andere mogelijkheden kunnen we immers wegstrepen.
Maar waarom is hij dan niet verder gegaan met lezen? Waarom kwam het boek dan in mijn mini-bieb terecht. Er zijn daarop wel meerdere antwoorden te bedenken, maar er is daarvan slechts eentje logisch en dat is dat de gebruiker, nadat hij het boek met de boekenlegger heeft weggelegd, vrij acuut is overleden.
Waaraan hij is overleden zal altijd duister zijn. Het kan een hartstilstand zijn geweest of een verkeersongeval. Misschien is hij vermoord of was bij het bungee jumpen het elastiek te lang.

Wat we verder kunnen concluderen is dat zijn erven weinig spiritueel waren, want zij hebben dit boek vervolgens bij mijn mini-bieb gedumpt zonder het verder in te zien. Proleten.

Maar toeval bestaat niet en dus heeft het een betekenis dat ik hier nu sta met het boek van Walsch in mijn handen, opengeslagen op pagina 156 en 157. Het is een signaal van de kosmos dat ik niet mag negeren. Ongetwijfeld de belangrijkste openbaring voor de mensheid.
Ik heb alleen nu geen tijd om het te lezen. Ik doe de boekenlegger weer voorzichtig terug tussen pagina 156 en 157. Morgen zal ik het lezen. Als er tenminste niet vrij abrupt iets ernstigs met mij gebeurt. Grote kans dat Inge het boek dan weer in de mini-bieb legt.

 

Reacties

Populaire posts van deze blog

L. Selena

F. Op weg naar de berg Olympus