L. L'histoire se répète
Ik loop een grote zaal in en tegen een wand zit op ooghoogte een dikke laag kalk. Ongeveer zes jongens zijn bezig om kalk van die laag af te schrapen. Ik vraag ze waarom ze dat doen. ‘Dat hebben we nodig voor de repetitie van vanmiddag’, zegt een van hen. Het zijn jongens uit mijn klas, maar ik heb geen flauw benul van een repetitie. Ik pak ook een lepel en help mee om de kalk af te schrapen. Tussen de middag gaan we naar huis om te eten. Er ligt een flinke berg kalk op de grond. Ik ben benieuwd wat dat voor repetitie is die middag. Wanneer ik ’s middags weer de zaal in loop, is de berg kalk weg en is er helemaal niemand te zien. Als ik niet meedoe met de repetitie, dan blijf ik zitten! Ik doorzoek het hele gebouw, maar het is helemaal verlaten. De paniek breekt uit. En dan word ik wakker.
Het is een terugkerende droom. De droom komt
in allerlei variaties en heeft als terugkerend thema dat ik een examen moet
doen, maar geen flauw benul heb wat voor examen dat is. En als ik wel een flauw
benul heb, dan gaat het wel op een andere manier mis.
Nu heb ik ook wel iets met examens. Een studiehoofd ben ik nooit geweest. Zo
herinner ik me een schoolonderzoek biologie met een vraag over bacteriën die een
bepaalde hoeveelheid suiker per uur omzetten in alcohol. De vraag was hoe hoog
het alcoholpercentage was na 72 uur. Ik had geen flauw idee en mijn antwoord
was dan maar dat dit tussen de 15% en 20% lag omdat bacteriën dan in hun eigen
alcohol doodgaan. Wilde je meer alcohol hebben, dan moest je destilleren.
Mijn biologieleraar rekende het fout, maar ik had gelijk. Uiteindelijk moest ik
dat gelijk via de Inspecteur van Onderwijs halen, en ik kreeg het.
Ik loop in een oud gebouw door een lange gang
met hoge houten deuren. Ik moet om 15:00 uur examen doen, maar ik weet niet
waar de kamer van de examinator is. Ik vraag het iemand en die wijst me de weg.
Maar als ik links en rechts gelopen heb, dan is er geen kamer. Alleen lange
gangen en zijgangen. Ik begin op goed geluk gangen in te sprinten, maar het is
een eindeloos doolhof en de tijd tikt door. De paniek breekt uit. En dan word
ik wakker.
Ik herinner me een herexamen voor interne
geneeskunde. Je mocht 26 fouten maken en ik had er 27. Een 5,4 en dus gezakt
voor de her, een ramp. Ik wilde weten welke vragen ik fout had gemaakt.
Eentje daarvan was de multiple choice vraag: Een maagzweer ontstaat door: A.
Teveel maagzuur, B. Te weinig maagzuur, C. Beide antwoorden zijn juist, D.
Beide antwoorden zijn onjuist.
Het goede antwoord in die tijd was A.: Teveel maagzuur beschadigt de maagwand.
Ik had C. Ik zocht nog eens goed in de boeken en las dat er een zeldzame
aandoening was waarbij de patiënt geen maagzuur produceert waardoor bacteriën
de kans kregen om de maagwand te beschadigen. C. was dus wel goed!
Ik probeerde de professor over te halen, maar hij vond dat een gezocht
antwoord. Echter, de voorzitter van de examencommissie gaf me uiteindelijk
gelijk. Overigens zou het goede antwoord in deze tijd D. zijn.
Ik zit voor de deur van de examinator te
wachten. Dit keer heb ik me de stof eigen gemaakt, dat geeft rust. Maar de deur
blijft dicht. Ik wacht uren en klop dan aan. Geen reactie. Ik doe de deur open
en de examinator staat met zijn rug naar me toe een boek uit de kast te halen.
Ik kuch en hij draait zich om.
‘Ik kom examen doen’, zeg ik. ‘U bent een dag te laat’, bromt hij, ‘u kunt
gaan’. Hij draait zich weer om en doet alsof ik er niet ben. De paniek breekt
uit. En dan word ik wakker.
De dromen komen niet heel vaak voor, 1-2 keer per jaar, maar op mijn leeftijd
zijn dat toch tientallen nachtmerries. Ik hoop dat mijn laatste droom zal zijn
dat ik voor een hemelpoort sta waar een complete examencommissie zit, met een
prachtige Godin in het midden als voorzitster. En de Godin aait me dan over
mijn snikkende bolletje en zegt: ‘Lieverd, je hebt het gehaald! Je bent
geslaagd!!’
Reacties
Een reactie posten