L. Meloenijs met bastognekoekkruimels

In Nederland worden asielzoekers opgevangen in Ter Apel, een plaatsje in het wingewest Groningen.
De situatie loopt daar volkomen uit de hand. WC’s en dixies daar zijn veel vuiler dan op een Zeeuwse camping tijdens de Brabantse bouwvak. Mensen slapen op stoelen in wachtruimtes of op matrassen die niet gereinigd worden.

De GGD rapporteerde een opeenstapeling van hygiƫne-problemen.
De Inspectie Justitie en Veiligheid publiceerde ook een rapport en noemde de situatie ‘onveilig en onhoudbaar’. Aan de basale eisen wordt niet voldaan, de brandveiligheid is niet op orde en het aantal gewelddadige incidenten neemt toe.
De UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, noemt de situatie in Ter Apel ‘ronduit zorgwekkend en een symptoom van een failliet opvangsysteem’.
Het Rode Kruis noemt de situatie ‘schrijnend’. Mensen die naar Nederland komen na een lange en vaak heftige reis hebben recht op menswaardige opvang.

Groningen smeekt de rest van Nederland om hulp maar, zoals altijd in de geschiedenis, worden de noodkreten uit Groningen genegeerd. Geen lessen uit het verleden. Er worden knopen geteld, er wordt wat op handen gezeten en achterover geleund. Er worden duimen gedraaid en naar andere kanten gekeken.

Ik heb besloten dat het zo niet langer kan. Wat moeten die asielzoekers wel niet denken als ze naar een van de rijkste landen ter wereld vluchten? Ze krijgen een heel verkeerd beeld van ons land!
Ik heb daarom besloten om een statement te maken. Een klein gebaar naar alle asielzoekers toe.
We hebben een ‘fine dining’ gereserveerd in een duur restaurant, en daarbij een uitgebreid wijnarrangement genomen. Omdat het daarna niet meer verstandig is om auto te rijden, hebben we een nachtje in een luxueus hotel geboekt met de volgende ochtend een uitgebreid en fantastisch ontbijtbuffet.
Zo kunnen we de asielzoekers laten zien dat het ook anders kan in Nederland. Zo kun je ook worden opgevangen! Er is meer dan de ellende waar ze in terecht zijn gekomen. Ik geef ze hoop, een klein flakkerend kaarsje in deze donkere dagen.

En ik moet zeggen, de gangen in het restaurant waren prima. Uitgelezen gerechtjes, goed van smaak.
De bijbehorende wijnen waren uitstekend. Witte wijn met tropische en rijpe tinten. Vriendelijke rode wijn met een fruitig karakter en een soepele structuur. Wat waren we blij dat we dit voor de asielzoekers konden doen.
Maar toen kwam de laatste gang…
De mensen aan het tafeltje naast ons hadden een gang minder dan wij (armoedzaaiers!) en terwijl wij ons hoofdgerecht geserveerd kregen (van de vork vallende sucadelapjes) hapten zij hun nagerecht weg.
Toen wij op ons dessert gingen wachten, waren die mensen klaar. Het bleek dat zij de serveerster, tevens uitbaatster, kenden en er ontwikkelde zich een geanimeerd gesprek. Niet erg, maar het duurde wel lang. Vervolgens liep onze serveerster mee naar de gang voor de jassen en ging het gesprek daar verder.
Nu begon het wel wat erg lang en vervelend te worden. ‘Willen jullie de keuken nog even zien’, hoorde ik zeggen en de vrolijke stemmen verdwenen, minder luid wordend, naar de keuken.
Er werd een rondleiding gegeven in de keuken waar mijn eten werd bereid!
We hebben vijftig minuten op ons dessert moeten wachten. Maar toen kregen we dan ook wel iets. Een bolletje meloenijs in bastognekoekkruimels. Fantastisch.

En dat wil ik dan ook aan alle asielzoekers meegeven: In Nederland kan er heel veel, maar je moet gewoon wat geduld hebben! Het komt vast wel goed met jullie, je bent in Nederland.
Nou ja, in Groningen dus. De rest van Nederland steekt zijn middelvinger op.

 

Reacties

Populaire posts van deze blog

L. Selena

F. Op weg naar de berg Olympus