L. Thema

Inge en ik doen een paar dagen Leeuwarden. Of Ljouwert zoals ze in Friesland zeggen. Of Liwwadden zoals ze in Leeuwarden zeggen. Of Luwt zoals ze in de Friese polderstreek Het Bildt zeggen. Tegenwoordig is het al zo erg dat ik in mijn gedachten bezig ben met een stukje voor ons boek en de eerste gedachte is dan wat het thema moet zijn. Dat je Leeuwarden op zoveel manieren kunt uitspreken, en het Fries in het algemeen, zou op zich een thema kunnen worden, maar het is zo uitgekauwd.
We zien wel, er komt vanzelf een thema.

We slapen in Post Plaza, het oude hoofdpostkantoor van Leeuwarden. Een mooi gebouw dat terecht een rijksmonument is met een prachtige houten kap boven grote pilaren. Op een beduimeld oud karton in het hotel lees ik het verhaal dat de Duitsers aan het einde van de oorlog het gebouw op wilden blazen, maar het verzet (Theo en Jan) hadden de trotylblokjes vervangen door namaak, waardoor het gebouw gespaard bleef. Het verhaal eindigt met een proost (‘tsjoch’) op de gezondheid van Theo en Jan.
Dat lijkt mij 80 jaar later wat onwerkelijk, maar als dit verhaal op karton al tientallen jaren de ronde doet en iedereen heeft trouw getsjochd op de gezondheid van deze helden, dan zijn ze misschien nog onder ons. De oorlog als thema? Nee, we hebben dit jaar al genoeg oorlog.

Tegenover ons hotel staat een gebouwtje met de naam ‘Utrecht’ en de mededeling dat het ‘s middags te bezichtigen is. Als Utrechter is dat dan natuurlijk een ‘must’ en zo staan wij die middag in het schitterende voormalige bijkantoor van de levensverzekeringsmaatschappij ‘de Utrecht’. Prachtige gebrandschilderde glas-in-lood ramen. Het gebouw is opgekocht door een rijke familie, gerestaureerd en zo behouden.
Wat fijn dat dit is gebeurd. Het hoofdkantoor van ‘de Utrecht’ stond uiteraard in de Domstad.
Dat prachtige gebouw is in 1974 gesloopt ten behoeve van Hoog Catharijne. Daarbij gingen ook de schilderingen van Co Breman en het karpet met Jugendstil-motieven verloren. Ook het ernaast liggende archief en het vermaarde hotel Terminus gingen in deze ‘BeeldenGebouwenstorm’ ten onder. Het zou een thema kunnen zijn, maar het vernietigen van kunst hebben we al besproken.

Die avond eten we in een Indiaas restaurant en ondanks dat het niets met Friesland te maken heeft, smaakt het uitstekend. We zitten naast een tafeltje met twee mannen. Ik schat hen in als broers die met kerst op familiebezoek komen en samen even gaan eten. Eentje voert duidelijk de boventoon. Hij werkt bij de GGZ en ergert zich aan collega’s die met vooroordelen over de cliënten spreken. Zijn collegae zijn minder hoog opgeleid, vertelt hij zijn broer, en ze zijn dan ook gemakkelijk te manipuleren. Zelf heeft hij daar geen last van, want hij weet het wanneer hij gemanipuleerd wordt. Deze opmerking kan natuurlijk niet. Op het moment dat je weet dat je gemanipuleerd wordt, is er geen sprake meer van manipulatie. Een domme opmerking.

We doen de volgende dag een stadswandeling en het moet gezegd worden dat Leeuwarden een prachtige plaats is dat terecht in 2018 de culturele hoofdstad van Europa is geweest. We komen langs het huis van ‘Mata Hari’ en het geboortehuis van Escher. Onder veel andere.
Er is één ding dat Leeuwarden gemeen heeft met alle andere plaatsen en dat is de grote hoeveelheid kauwgom die op de straat geplakt is.
Vooral bij de putten (kennelijk toch een mikobject) is het raak.
Ik zou van ‘straatvervuiling’ het thema kunnen maken, maar daar staat mijn hoofd niet naar. Dan maak ik er toch maar liever ‘onbedoelde kunst’ van, waar Fred al eerder over geschreven heeft. Dat past ook wel bij een culturele hoofdstad.

Daarna gaan we naar een slijter, want we hebben een nieuwe vitrinekast en daar hebben we onze drankvoorraad in gemaakt. De bovenste plank is echter net te laag voor flessen en ik heb besloten om die dan vol te zetten met mini flesjes. Deze slijter heeft daar een hele stelling van en samen met de verkoopster zoek ik de mooiste etiketten uit. Ik moet 80 cm breed aan flesjes hebben.
We gaan aan de slag en na een tijdje vraag ik aan de verkoopster hoeveel het nu is .
‘In centimeters of in euro’s?’, vraagt ze. ‘Centimeters’, antwoord ik. We maken onze prachtige rij flessen af met een fles ‘Kozakken Ruter’ waar Inge mee aankomt.

De volgende dag moeten we weer afscheid nemen van het schitterende hotel en de prachtige stad. Als Inge de deur van de hotelkamer achter zich wil sluiten, vraag ik aan haar: ‘Niets vergeten?’
Een domme opmerking, want op het moment dat je weet dat je iets vergeten bent, is er geen sprake meer van vergeten. Kijk, zo komt er dan toch vanzelf een thema: Domme opmerkingen.

 

 

Reacties

Populaire posts van deze blog

L. Selena

F. Op weg naar de berg Olympus