F. Over wat nooit overgaat
Sinds
ik hand in hand door het leven loop met een progressieve ziekte heeft het
begrip ‘nooit meer overgaan’ zich een nadrukkelijke plek in mijn denken, doen
en laten weten te veroveren.
Vroeger
was je ook wel eens niet lekker, maar dan wist je: dit duurt een paar dagen tot
een week en dan ben je weer helemaal het heertje. Het besef van het voorbijgaan
aller dingen en dan met name van de dingen die kommer en kwel representeren, is
essentieel voor een normale en gezonde blik op de wereld, de zogenaamde ‘Weltanschauung’
zoals Duitsers dat zo mooi kunnen zeggen.
Natuurlijk
gaat alles voorbij, maar sommige dingen duren wel heel erg lang, zeker wanneer
je dit afzet tegen het bevattingsvermogen van het ongeduld.
Sommige
dingen die maar niet over lijken te gaan hebben het in zich om zowel mooi als
afstotend te zijn. Dat lied ‘The elephant song’ uit 1975 van zanger
Kamal bijvoorbeeld. Ik ga dit niet uitleggen. Zoiets snap je of je snapt het niet.
Een verdere explicitering slaat nergens op. Door een tactvolle en fijnzinnige
uitleg zullen onderbuikgevoelens zich niet tot de orde laten roepen. Of toch?
Als beschaafd mens kun je iemand niet iets voor de voeten werpen en je daarna
hoogmoedig van hem afkeren en uit de verte schreeuwen ‘Je bekijkt het maar!’
Dat zal een mooie boel worden. Toch is dat wat er aan de hand is op de
‘socials’. Gehuld in virtuele lompen als het recht om er maar van alles te gooien, een misvatting van het principe ‘vrijheid van meningsuiting’ dat zich een
weg baant door het WWW-universum. De schreeuwers benadrukken vooral
wat zíj zich voorstellen bij een begrip als ‘vrijheid’ en dan met name wat hun eigen
vrijheid betreft. Dat door deze nogal beperkte invulling een ander
in het gedrang komt en het zelfs kan leiden tot een serieuze bedreiging, virtueel
of in de reële wereld, dat is minder van belang. Huilie, huilie! Wanneer je met
de groten der aarde wilt meespelen dan moet je maar tegen een stootje kunnen.
Er
zijn natuurlijk nog veel meer dingen die niet overgaan. Zoals de blauwe lucht,
de lach van een kind, jouw haren in de wind, de herinneringen die we samen
hebben gemaakt, de eerste koe in de wei, het machtige zachte ruisen van de bladeren,
de zon die naar binnen schijnt en een stronk prei in lichterlaaie zet, de
blosjes op je wangen, het strelende, haast onhoorbare geluid van een in het
rulle zand badende mus, het hese geluid van zangeres SADE in nummers als ‘Is
It a Crime’, of eigenlijk in al haar nummers. Zij huldigt het principe: ‘Vrijheid
om de ziel voorgoed met een flinke dosis gelukzaligheid aan te raken’. Ook dat
zal nooit meer overgaan. Het geluid bij de kapper van een schaar bij je oor,
het geluid van een kabbelend beekje, het gepruttel van het doorlopen van het
koffiezetapparaat, de stilte nu je de radio en televisie hebt uitgezet,
eigenlijk te veel om op te noemen.
Nu
we het toch over stilte hebben, zou die ook aan verandering onderhevig zijn? Is
er sprake van steeds dezelfde stilte? Is de ene stilte gelijk aan de andere? Is
de kleur rood altijd dezelfde kleur rood? Doet een uitgesproken ‘nee’ altijd
evenveel zeer? Dat hangt natuurlijk van de context af, zul je zeggen. Rood
tegen een blauwe achtergrond ervaar je anders dan rood tegen een witte
achtergrond. De stilte na een boswandeling voelt toch net even anders dan de
stilte na een popconcert. Een afgemeten ‘nee’ op de vraag van een door wellust
aangestuurde puber of zij ook uitkijkt naar het volgende honk voelt compleet anders
dan het ‘nee’ op de vraag of ze suiker in haar koffie wil.
Of je nu Neanderthaler bent geweest, Romein, Karel de Vijfde of Betty van Klaveren uit de Kerkstraat, ze kunnen je allemaal vertellen dat hoewel alles verandert er toch altijd dingen zijn die nooit over zullen gaan.
Reacties
Een reactie posten