F. Allen voor één


Ik zag bij mij in de buurt een besnorde man op een bankje zitten. Het was een gedistingeerde man op leeftijd. Netjes in de kleren en haartjes keurig in het gelid. Hij zat in de zon een boek te lezen, dus ik ging ervan uit dat hij van lezen hield. In mijn ogen, geen al te gekke veronderstelling. Ik sprak hem aan met de vraag of hij misschien een lezer was.

‘Waarom wil je dat weten?’ vroeg hij op agressieve toon.

Die had ik even niet zien aankomen. Ik probeerde de stemming om te buigen en vroeg hem of hij interesse had in ons fraai uitgevoerde 2023-boek. Gratis.

‘Nee!’ was zijn besliste antwoord.

Een onverwachte botsing tussen twee uiteenlopende karakters.

‘Ach, lazer toch op!’ was wat hij niet zei, maar ik wel meende te horen. Een normaal mens zou dan denken: ‘Oké, ik heb het begrepen. Ik ga er maar weer eens vandoor. Fijne dag verder.’ Maar ik bleef staan en er ontspon zich een onverwacht gesprek. Ik zeg niet dat het een leuk gesprek was, maar dat het überhaupt tot een gesprek kwam was opmerkelijk, gezien de eerdere onwelwillendheid.  

Ik zag dat hij een boek las over een militaire aangelegenheid. Volgens de afbeelding op de voorkant van het boek ging het om een gebeurtenis uit de tweede wereldoorlog.  Ik hoorde hem geduldig aan. Het boek ging volgens zijn zeggen vooral om de logistieke aanvoer van man- en slagkracht.

Toen hij even stilhield nam ik de gelegenheid te baat. Ik vertelde dat ik oorlog en geweld verafschuw en dat ik krachtige pacifistische overtuigingen door mijn aderen voelde stromen. Ik vertelde over de inspiratie die ik kreeg uit zinnen als: ’Je déteste la légitimité des guerres’ (‘Ik haat de legitimiteit van oorlog’) van de Franse singer-songwriter Georges Moustaki. Een uitspraak die wijst op de manier waarop regeringen, ideologieën of systemen oorlog goedpraten en als iets noodzakelijks of onvermijdelijks beschouwen.

De man verschoot van kleur. Hij had moeite om rustig te blijven. Ik zag hem kwaad worden. Hij had er geen goed woord voor over. Hij moest er nog net niet van overgeven. Mijn droom om een einde te maken aan de eeuwigdurende cyclus van oorlog en wraak viel bij hem niet in goede aarde.  

Hoe het kwam weet ik niet meer zo precies. Het zal wel te maken hebben met de stille aandrang van mijn goede humeur. Misschien waren het de emoties. Uit het niets begon hij opeens te vertellen over de mantelzorg voor zijn hulpbehoevende vrouw die de hele dag vergaat van de pijn. Hij had het er zwaar mee. Om wat op adem te komen ging hij er dagelijks met de fiets op uit. Het bankje was zijn vaste rustplaats. Het liefst dook hij onder in een boek over de strijd tussen het goede en het kwaad.

Het was duidelijk dat we geen vrienden zouden worden, maar de openheid die toen was ontstaan, had bij mij een gevoelige snaar geraakt. Ik nam afscheid van hem om hem daarna nooit meer te spreken.

Bij de NAVO-slogan die hoort bij artikel 5: ‘een aanval op één, is een aanval op iedereen’ moest ik onwillekeurig denken aan een eerder gedane ‘allen voor één’ drie musketiers-gelofte. Hoewel ze bekendstaan als de drie musketiers spelen hun avonturen zich af met vier personen. Drie oud getrouwen en een vierde, de eigenlijke held van het verhaal, de jeugdige d’Artagnan. Hun motto was: ‘Eén voor allen en allen voor één’. Als ik het goed heb begrepen, streden ook zij voor de goede zaak. Weer een andere, maar nog steeds een goede. Welke precies, dat ben ik even kwijt. Als ik me goed herinner had het iets van doen met het bestrijden van een slechterik die het niet goed voor had met de Franse koning uit die tijd.

Op het wereldtoneel zijn er tegenwoordig ook drie musketiers actief. Ook zij strijden voor een goede zaak. Hoe kan het ook anders. De goede zaak van hun eigen voordeel op het wereldtoneel. Rusland, China en Amerika, de drie musketiers, gevormd naar het sjabloon van het op eigen gewin beluste Rupsje Nooitgenoeg. Ieder in een eigen versie.

Kunnen de Europese landen eendrachtig een vuist maken en zich als een krachtige d’Artagnan met een degen van 800 miljard door het leven slaan? Nationalistische populisten verkeren in dubio. Eigen volk eerst of toch maar eieren voor je geld kiezen en aansluiten bij de andere Europese landen? Zou het gezichtsverlies betekenen wanneer ze zich verbinden met het bij elkaar geschraapte Europees zooitje?

De drie dan wel vier musketiers vormden een echte eenheid. Zíj zouden elkaar nooit verraden of in de steek laten. Dat moeten de Europese leiders nog maar laten zien. Onder druk kunnen beloftes vloeibaar worden.

Aansluiten bij een van de drie geopolitieke zwaargewichten is geen optie. Er worden wel pogingen gedaan om de zoek geraakte betrekking tussen Europa en Amerika te herstellen, maar de ‘America first’ gedachte laat dat waarschijnlijk niet toe. Amerika heeft er volgens Trump genoeg van om zich door Europa de wet te laten voorschrijven. ‘Los eerst je eigen zaakjes maar op’. De stoere NAVO-afspraak om in tijden van nood voor elkaar in de bres te springen blijkt een dode mus. Hoe is het mogelijk dat we dat ooit geloofd hebben!

China en Rusland staan ideologisch te ver van ons af, dus daalt het besef in dat we er in Europa helemaal alleen voor staan. Tsjechië en Hongarije proberen het vege lijf te redden door te lonken naar de gunsten van de nieuwgeboren Russische tsaar. Europese leiders voelen dat er niet gedraald mag worden. Snelheid is geboden. Dan maar zonder de Hongaar Viktor Orbán en de Tjech Petr Pavel.

‘Allen voor één - min twee’. Dat is toch ook mooi! Of het genoeg zal zijn zal de toekomst moeten uitwijzen. 

   

Reacties

Populaire posts van deze blog

L. Selena

F. Op weg naar de berg Olympus